Mr. F.H. HOOGINK
OndernemingsrechtNon-conformiteit in de autobranche: wat zijn de gevolgen?
In het eerste deel van dit drieluik heb ik stilgestaan bij de vraag wanneer sprake is van non-conformiteit (de ‘wettelijke garantie’) bij de verkoop van auto's. Kort samengevat: als de auto niet beantwoordt aan wat de koper, mede gelet op de aard van de verkochte auto en de mededelingen van verkoper, mocht verwachten op grond van de koopovereenkomst, is de auto non-conform. Maar wat zijn daar eigenlijk de gevolgen van? Soms kan de verkoper het gebrek met een kleine reparatie verhelpen of de discussie met een financiële tegemoetkoming oplossen. Dat is echter lang niet altijd het geval. In dit tweede deel bespreek ik welke rechten de wet aan de koper toekent bij non-conformiteit en hoe ver die rechten reiken.
Direct adviesLees ook: ‘Wettelijke garantie’ bij de verkoop van een auto: wanneer is sprake van non-conformiteit?
Welke rechten heeft de koper?
De wet geeft de koper bij non-conformiteit een aantal mogelijkheden. Artikel 7:21 van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt dat de koper kan eisen:
- aflevering van het ontbrekende
- herstel, of
- vervanging
Daarnaast geeft artikel 7:22 BW de consumentkoper de bevoegdheid om de overeenkomst te ontbinden of de prijs te verminderen. Let op: de wet spreekt hier nadrukkelijk over de consumentkoper. Bij een zakelijke koop zijn deze specifieke remedies niet als zodanig geregeld en valt de koper terug op de algemene regeling van contractuele wanprestatie en ontbinding van de overeenkomst.
De meeste mensen denken dat de verkoper altijd eerst de kans moet krijgen om te repareren (herstel plegen). Dat is tot op zekere hoogte juist. De koper kan namelijk geen vervanging eisen als het gebrek te gering is om dat te rechtvaardigen. Overigens kan de koper ook geen vervanging eisen als de auto teniet of achteruit is gegaan doordat hij niet zorgvuldig voor het behoud ervan heeft gezorgd. Dat geldt vanaf het tijdstip dat hij er redelijkerwijs rekening mee moest houden dat de auto weer zou worden ingeleverd. In de praktijk zal herstel meestal de eerst aangewezen remedie zijn. Met name in de occassionmarkt zal vervanging door een auto met precies dezelfde eigenschappen in veel gevallen ook niet mogelijk zijn.
Volgorde van remedies
De bevoegdheid van een consument-koper om de koopovereenkomst te ontbinden of de prijs te verminderen, ontstaat pas als herstel en vervanging onmogelijk zijn of van de verkoper niet gevergd kunnen worden. Of als de verkoper tekort is geschoten in zijn verplichting om het gebrek binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast voor de koper te verhelpen. Er zit dus een hiërarchie in de remedies: éérst herstel of vervanging, dan pas ontbinding of prijsvermindering. Dat is ook logisch omdat ontbinding of prijsvermindering veel ingrijpender is voor de verkoper.
Maar die hiërarchie is niet absoluut. De wet bevat een aantal uitzonderingen waarin de consumentkoper direct mag ontbinden of prijsvermindering mag vorderen. Dat is bijvoorbeeld het geval als het gebrek zo ernstig is dat een onmiddellijke ontbinding gerechtvaardigd is. Of als de verkoper heeft geweigerd de zaak te herstellen. In de praktijk is de vraag of en wanneer de koper direct mag doorschakelen naar ontbinding dan ook regelmatig onderwerp van discussie.
Wanneer is herstel niet voldoende?
Op dit punt liep het in een recente zaak bij de rechtbank Noord-Holland mis voor de autoverkoper. In die zaak, waaraan ik in de vorige blog ook al refereerde, had een consument een Volkswagen Passat gekocht die zowel in de advertentie als op de factuur stond aangeduid als een 'Business-uitvoering'. Na aflevering bleek het echter om een 'Basic-uitvoering' te gaan. Een uitvoering die onder meer de massagestoelen, elektrisch inklapbare buitenspiegels, sfeerverlichting en chromen dakrails miste.
De verkoper bood aan om een aantal van de ontbrekende opties door een derde partij te laten inbouwen. Daarmee zou het probleem toch verholpen zijn? De rechter oordeelde anders. Het inbouwen van losse opties kan de uitvoering van de auto niet wijzigen. De non-conformiteit kon in dit geval alleen worden weggenomen door de auto te vervangen door een exemplaar met de juiste uitvoering. Nu de verkoper daartoe niet in staat of bereid was, stond voor de koper de weg naar ontbinding open.
Ontbinding: de keuze ligt bij de koper
In dezelfde zaak probeerde de verkoper nog een ander verweer. Als er dan al sprake was van non-conformiteit, zou een prijsvermindering toch volstaan in plaats van volledige ontbinding? Ook dat verweer strandde. De rechter overwoog dat artikel 7:22 lid 1 BW de koper de keuze geeft: ontbinding of prijsvermindering. Het is dus de koper die bepaalt welk van beide remedies hij inzet. De verkoper kan geen prijsvermindering afdwingen als de koper ontbinding wenst.
Er geldt wel een ondergrens. De wet bepaalt dat ontbinding niet mogelijk is als de afwijking van hetgeen was overeengekomen, de ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt gezien de geringe betekenis. Bij de Volkswagen Passat ging het om een verkeerd type auto met meerdere ontbrekende opties en functionaliteiten. De kantonrechter oordeelde dan ook dat niet gezegd kon worden dat de tekortkomingen te gering waren om ontbinding te rechtvaardigen. Daarbij speelde mee dat de koper onbetwist had gesteld dat het hem specifiek om het Business-model te doen was.
Niet elk gebrek is ernstig genoeg
Een mooi voorbeeld van een zaak waarin werd geoordeeld dat een gebrek geen ontbinding rechtvaardigde, biedt een uitspraak van de rechtbank Rotterdam uit 2025. Daarin kocht een consument in 2023 een tweedehands auto waarvan na aflevering bleek dat de distributieriem niet was vervangen conform het advies van de producent. Dat had elke vijf jaar gemoeten, maar was voor het laatst in 2017 gebeurd. Ook vertoonde het thermostaathuis een gebrek waardoor motorolie in het waterreservoir terechtkwam. De kantonrechter stelde vast dat beide gebreken non-conformiteit opleverden: de koper mocht verwachten dat de distributieriem niet langer dan vijf jaar voor de aankoop was vervangen, en door het lekkende thermostaathuis beantwoordde de auto evenmin aan de overeenkomst. Tot zover dus een geslaagd beroep op non-conformiteit.
De koper vorderde echter ontbinding van de koopovereenkomst, en daar ging de rechter niet in mee. De gebreken waren, gezien hun geringe betekenis, niet ernstig genoeg om ontbinding te rechtvaardigen. Veelzeggend was dat de koper na de aankoop nog zo'n 11.000 kilometer met de auto had gereden. Zijn stelling dat dit onveilig was onderbouwde hij niet en de rechter achtte dat ook niet aannemelijk gelet op het aantal gereden kilometers. In plaats van ontbinding werd de verkoper veroordeeld tot kosteloos herstel van de distributieriem en het thermostaathuis. Niet was gesteld of gebleken dat herstel onmogelijk was of niet van de verkoper gevergd kon worden.
Twee zaken vergeleken
Als we deze zaak met de Passat-uitspraak vergelijken is er een duidelijk verschil. Bij de Passat ging het om een fundamenteel ander type auto, waarbij herstel de kern van het probleem niet kon oplossen. Daar was ontbinding de enige passende remedie. Bij de distributieriem en het thermostaathuis in de Rotterdamse zaak ging het om technische gebreken die gemaakt konden worden en normaal gebruik kennelijk niet al te veel in de weg stonden. Daar was herstel voldoende en was ontbinding een te zwaar middel. De aard en ernst van het gebrek bepalen dus wat de koper kan vorderen bij non-conformiteit.
Conclusie
De gevolgen van non-conformiteit kunnen voor de autoverkoper ingrijpend zijn. Bij een consumentenkoop heeft de koper het recht om herstel, vervanging, ontbinding of prijsvermindering te vorderen. De keuze tussen ontbinding en prijsvermindering ligt daarbij bij de koper, niet bij de verkoper. Herstel of vervanging gaat in beginsel voor, maar alleen als dat daadwerkelijk mogelijk is en het gebrek volledig wegneemt. Zoals de Passat-zaak laat zien, is een gedeeltelijk herstelaanbod (het inbouwen van wat losse opties) niet voldoende als het onderliggende probleem daarmee niet wordt opgelost.
Als ondernemer in de autobranche doe je er daarom goed aan om al vóór de verkoop na te denken over de gevolgen als achteraf blijkt dat de auto niet is wat je hebt verkocht. Dat begint, zoals ik in de vorige blog al schreef, bij de juiste informatie aan de voorkant. En als er dan toch sprake is van non-conformiteit, zorg dan dat je schriftelijk een aanbod tot herstel of vervanging doet indien mogelijk. Dat kan je een ontbinding met alle gevolgen van dien besparen.
Heb je vragen over de verplichtingen die een verkoper heeft bij non-conformiteit? Ik help je graag.
Categorieën
Deel dit artikel
Direct advies
Neem contact op met Mr. F.H. HOOGINK
Lees meer goede ideeën
Blog
NDA (geheimhoudingsverklaring): wanneer en hoe gebruik jij als ICT-leverancier een NDA?
“We kunnen de software alvast demonstreren.” “Ik stuur je de technische documentatie.” “We delen onze roadmap, zodat je een goed…
Lees verder
Blog
Aansprakelijkheid in IT-contracten: hoe houd je de risico’s én de klant binnen boord?
Vrijwel iedere onderhandeling over een IT-overeenkomst eindigt bij hetzelfde onderwerp: aansprakelijkheid. Op het moment dat partijen het…
Lees verder
Blog
SLA en uptime: beloof wat je kunt waarmaken
Een Service Level Agreement (SLA) wordt vaak pas opgesteld als de commerciële afspraken al rond zijn. Veel leveranciers zien de SLA als een…
Lees verder
Blog
Auteursrecht op software: wie heeft de rechten en wat moet je regelen?
Veel softwarebedrijven besteden meer aandacht aan de ontwikkeling van hun product dan aan de juridische bescherming ervan. Dat is…
Lees verder