Direct advies
Recht op vergoeding voor onbetaalde arbeid na overlijden: de som ineens

Mr. H.C.D. BOS

Familie- en erfrecht
Actueel Gepubliceerd op 04 juni, 2025

Recht op vergoeding voor onbetaalde arbeid na overlijden: de som ineens

Ik schreef al eens eerder blogs over de zogenaamde ‘som ineens’ (zie de links hieronder). Die blogs gingen over de situatie dat een kind na overlijden van een ouder aanspraak kan maken op de uitbetaling van een bedrag voor het levensonderhoud. Recent kreeg ik opnieuw een vraag over de ‘som ineens’, echter dit keer in een heel andere situatie.

Direct advies

Wat speelde er?

De erfgenaam had de afgelopen 10 jaar op zaterdag voor het bedrijf van de overleden vader gewerkt. Hij had daarvoor nooit een salaris ontvangen. De erfgenaam dacht dat zij vader, de erflater, hem bij overlijden daarvoor in zijn testament zou belonen. Dat had de vader namelijk gezegd. Maar dit bleek niet het geval, en was voor de erfgenaam een bittere pil. Hij melde zich bij mij met de vraag of er een mogelijkheid was om alsnog een beloning te krijgen voor zijn werkzaamheden.

Die mogelijkheid is er zeker. In de wet (artikel 4:36 van het Burgerlijk Wetboek) is namelijk een bepaling opgenomen die recht geeft op een ‘billijke vergoeding’, voor de situatie dat een kind tijdens meerderjarigheid arbeid heeft verricht zonder daarvoor een vergoeding te hebben ontvangen. Het kind krijgt dan een vordering op de erfgenamen.

Lees mijn eerdere blogs over de som ineens:

Wat is een billijke vergoeding?

De wetgever heeft er bewust voor gekozen om niet een duidelijk kader te geven voor het bepalen van de hoogte van de vergoeding. De hoogte is dus afhankelijk van wat in het specifieke geval billijk te noemen is. Maar er is uit rechtspraak en uit de wetsgeschiedenis wel een aantal factoren en handvatten af te leiden:

  • Er geldt een maximum: de som ineens mag niet meer bedragen dan de helft van de waarde van de erfenis
  • De verrichte werkzaamheden moeten ‘economische waarde’ hebben. Dit betekent dat als het kind de werkzaamheden niet had verricht, een betaalde kracht ingeschakeld had moeten worden. Alleen helpen in het bedrijf is dus niet voldoende.
  • Het kind dat de onbetaalde arbeid heeft verricht, moet ten opzichte van de mede-erfgenamen in financieel en/of maatschappelijk opzicht in een slechtere positie zijn komen te verkeren. Dit betekent dat er verlies van verdiencapaciteit moet zijn.
  • Als startpunt voor het bepalen van de vergoeding moet je kijken naar het loon dat voor de verrichte arbeid gebruikelijk is. Daarbij moet je rekening houden met het aantal gewerkte uren en de aard en de omvang van de arbeid.
  • Is er op andere wijze invulling gegeven aan de vergoeding? Bijvoorbeeld door kost en inwoning of het opdoen van relevante werkervaring.
  • Tot slot zijn ook de familieverhoudingen van belang bij het wegen van de billijkheid.

Vervolgens wordt er een vergoeding vastgesteld, waarbij de vergoeding als uitgangspunt gelijk moet staan aan de netto vergoeding die een werknemer zou hebben ontvangen. De billijkheidsfactoren kunnen daarop een matigende werking hebben. Ontvangt het kind op basis van het testament wel een stukje vergoeding? Dan wordt dit bedrag op de billijke vergoeding in mindering gebracht. Dat is ook zo als het kind na het overlijden bijvoorbeeld een uitkering uit een levensverzekering krijgt, en die uitkering bedoeld is als een (gedeeltelijke) beloning voor onbetaalde arbeid. Dat lijkt mij redelijk.

Termijnen om aanspraak te maken op de som ineens

Wil je aanspraak maken op de som ineens? Dan is het heel belangrijk een aantal termijnen in het oog te houden:

  • De mogelijkheid om aanspraak te maken op de som ineens vervalt binnen 9 maanden na het overlijden van de erflater. Die termijn kan korter zijn als de andere erfgenamen/belanghebbenden een kortere termijn hebben gesteld. Dit moet wel een redelijke termijn zijn. Dit betekent dat je voor het verstrijken van de termijn van 9 maanden (of de kortere gestelde termijn) moet aangeven dat je aanspraak maakt op de som ineens.
  • De vordering om de som ineens te innen, is pas opeisbaar na het verstrijken van 6 maanden na het overlijden van de erflater.
  • De mogelijkheid om een procedure te starten over de som ineens, verjaart door verloop van een jaar na het overlijden van de erflater.

Rechtspraak over de billijke vergoeding/som ineens

Rechters gaan voorzichtig wordt om met het toekennen van een billijke vergoeding. In een recente uitspraak van de Hoge Raad (13 oktober 2023) is het verzoek om een billijke vergoeding afgewezen. In deze zaak was maakte een kind aanspraak op de som ineens omdat hij in het verleden voor het agrarische bedrijf van zijn vader had gewerkt. Het kind had echter ook voordelen genoten, bijvoorbeeld vanwege bespaarde huur en kost en inwoning. Die voordelen waren volgens de rechter naar verwachting groter dan de door het kind gevraagde vergoeding.

Hieruit blijkt dat als je aanspraak wil maken op een som ineens, het erg belangrijk is je zaak goed voor te bereiden en je vordering goed te onderbouwen. Met name de billijkheidsfactoren moeten goed worden uitgezocht en je vordering moet worden onderbouwd met een duidelijke berekening. Ook moet je zeker weten dat jouw vordering niet de helft van de waarde van de erfenis overstijgt.

Kortom: aanspraak maken op de som ineens kan lastig zijn, maar het is niet onmogelijk. Ik denk graag met je mee.

Stellicher Dag van het Erfrecht en Bewind

Op 13 juni organiseren wij onze jaarlijkse Dag van het Erfrecht en Bewind. Op deze dag kun je tussen 10:00 en 15:00 uur kosteloos een afspraak maken met een van onze specialisten, op kantoor of telefonisch. Maak je afspraak nu, door te bellen naar 026 3 777 111.

Direct advies

Neem contact op met Mr. H.C.D. BOS

Lees meer goede ideeën