Direct advies
Het Weens Koopverdrag: automatisch van toepassing – maar wat betekent dat voor jouw onderneming?

Mr. E.R. LOOIJEN

Ondernemingsrecht
Actueel Gepubliceerd op 12 mei, 2026

Het Weens Koopverdrag: automatisch van toepassing – maar wat betekent dat voor jouw onderneming?

Doe je zaken over de grens? Dan is de kans groot dat je ongemerkt te maken hebt met het Weens Koopverdrag (ook wel aangeduid als het CISG, naar de Engelse naam Convention on Contracts for the International Sale of Goods). Dit internationale verdrag regelt koopovereenkomsten van roerende zaken tussen partijen uit de aangesloten landen, waaronder Nederland, vrijwel alle EU-landen, de Verenigde Staten en China.

Direct advies

Sluit je een koopovereenkomst met een partij uit een ander verdragsland? Dan is het Weens Koopverdrag in principe direct van toepassing – zelfs als in het contract is gekozen voor Nederlands recht. Dat klinkt tegenstrijdig, maar het Verdrag maakt onderdeel uit van het Nederlandse rechtsstelsel. Er bestaat echter een uitweg: partijen kunnen ervoor kiezen het Verdrag expliciet uit te sluiten. Of dat verstandig is, hangt af van de omstandigheden van het geval. Het Verdrag wijkt namelijk op verschillende punten af van het Nederlandse Burgerlijk Wetboek (BW). Zeker in de transport- en vervoersector kunnen die verschillen een grote impact hebben op je juridische positie.

In de praktijk kan deze impact op verschillende wijzen uitpakken. Ter illustratie behandelen wij het volgende voorbeeld: een in- en verkoper van tweedehandsvoertuigen drijft internationale handel. De onderneming heeft vanuit haar ingekochte voorraad een voertuig verkocht aan een afnemer. Deze afnemer neemt enige tijd later contact op en klaagt over gebreken aan het geleverde voertuig.

Klachtplicht: let op de absolute termijn

De klachtplichten onder het BW en het Weens Koopverdrag lijken op elkaar: in beide gevallen moet de koper binnen bekwame tijd nadat hij een gebrek heeft ontdekt – of redelijkerwijs had moeten ontdekken – klagen bij de verkoper. Doet hij dat niet, dan kan hij zijn rechten verwerken.

Het Weens Koopverdrag gaat echter een stap verder. De koper verliest zijn rechten in ieder geval indien hij niet uiterlijk binnen twee jaar na de datum van afgifte van de goederen heeft geklaagd (art. 39 lid 2 Weens Koopverdrag). Dit is een harde vervaltermijn die niet kan worden verlengd. Het BW kent een dergelijke absolute termijn niet voor handelskoop. Wie onvoldoende alert is op deze termijn, kan zijn aanspraken volledig kwijtraken; ook als het gebrek pas later aan het licht komt.

In de praktijk van de in- en verkoop van voertuigen is dit geen theoretisch risico. Zo is het niet ongebruikelijk dat ingekochte voertuigen (bij grote voorraden) lang in opslag staan voordat ze weer doorverkocht worden. Wanneer daarna pas bij de tenaamstelling of zelfs ingebruikname gebreken boven water komen, is het goed mogelijk dat de tweejaarstermijn van het Weens Koopverdrag al verstreken is. In ons voorbeeld is het daarbij van belang wanneer de tussenhandelaar het desbetreffende voertuig heeft ingekocht: dat moment bepaalt immers of zij de leverancier nog kan aanspraken. De termijn tussen de inkoop en het ontdekken van de gebreken kan immers langer dan twee jaar zijn. Onder het Nederlandse BW zou dit geen bezwaar zijn. Onder het Weens Koopverdrag sta je met lege handen.

Ontbinding: een hogere drempel

Schiet de wederpartij tekort in de nakoming? Onder het Nederlandse BW geeft iedere tekortkoming de bevoegdheid om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij die tekortkoming gezien haar geringe betekenis ontbinding niet rechtvaardigt (art. 6:265 BW). Onder het Weens Koopverdrag ligt de lat aanzienlijk hoger. Ontbinding is hier alleen mogelijk indien sprake is van een wezenlijke tekortkoming: een tekortkoming die de andere partij in aanzienlijke mate berooft van hetgeen zij op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Niet iedere vertraging of afwijking is dus voldoende grond voor ontbinding.

Stel bijvoorbeeld dat in ons voorbeeld het voertuig wordt verkocht aan een koper in een derde land, waar het door lokale regelgeving de weg niet mag betreden. Naar het Nederlands BW is die tekortkoming in beginsel voldoende voor ontbinding. Onder het Weens Koopverdrag is dat anders: als het voertuig in andere landen wel mag rijden, of na enkele aanpassingen plaatselijk zou worden toegelaten, is er mogelijk geen sprake van een wezenlijke tekortkoming. De koper kan de koop niet ontbinden.

Schadevergoeding: voorzienbare schade als maatstaf

Het vorderen van schade is ook onder het Weens Koopverdrag mogelijk. De maatstaf wijkt echter af van het Nederlandse BW. Onder het Verdrag kan niet meer schade worden gevorderd dan de tekortschietende partij bij het sluiten van de overeenkomst voorzag of redelijkerwijs had moeten voorzien als mogelijk gevolg van de tekortkoming (art. 74 Weens Koopverdrag). De schade moet dus voorzienbaar zijn geweest op het moment van contractsluiting.

Onder het Nederlandse BW is de maatstaf ruimer: alle schade die in causaal verband staat met de tekortkoming en die aan de tekortschietende partij in redelijkheid kan worden toegerekend, kan in beginsel worden vergoed. Afhankelijk van de situatie kan dit verder reiken dan de CISG-regeling.

Dat verschil laat zich goed illustreren. Stel dat in ons voorbeeld vaststaat dat een gebrekkig voertuig is geleverd. De koper kan daardoor zijn afspraken met een derde niet nakomen en loopt reputatieschade op. Mogelijk heeft dit effect op zijn toekomstige omzet. De vraag komt op of de reputatieschade en toekomstige omzetschade voor vergoeding in aanmerking komen. Onder het Weens Koopverdrag vormt de voorzienbaarheidsdrempel een groot obstakel: de verkoper hoefde bij het sluiten van de overeenkomst in beginsel geen rekening te houden met de reputatiegevolgen en risico’s voor toekomstige omzet aan de zijde van de koper.

Onder het Nederlandse BW bestaat beduidend meer ruimte om dergelijke schade alsnog vergoed te krijgen. Zo kunnen onder het Nederlandse BW onder meer de mate van schuld of de economische kwetsbaarheid van partijen worden meegewogen. Onder het Nederlandse BW is voorzienbaarheid bij toerekening naar redelijkheid dan ook slecht één van de af te wegen aspecten. Welk recht van toepassing is, heeft daarmee direct gevolg voor welke schade voor vergoeding in aanmerking komt.

Overmacht

Daarnaast bevat het Weens Koopverdrag een eigen overmachtsregeling (art. 79 Weens Koopverdrag). Bij overmacht kan geen schadevergoeding worden gevorderd. Van overmacht is sprake indien een partij kan aantonen dat de tekortkoming werd veroorzaakt door een verhindering buiten haar macht, waarmee zij bij het sluiten van de overeenkomst redelijkerwijs geen rekening hoefde te houden en waarvan zij de gevolgen niet kon vermijden of overwinnen. In de internationale handel valt te denken aan situaties als havensluitingen, geopolitieke blokkades of extreme weersomstandigheden.

Uitsluiting van het Weens Koopverdrag: let op de voorwaarden

Wil je het Weens Koopverdrag uitsluiten via de algemene voorwaarden? Dan moet je ervoor zorgen dat die voorwaarden ook daadwerkelijk van toepassing zijn. Aan de toepasselijkheid van algemene voorwaarden worden zowel onder het BW als onder het Verdrag zelf eisen gesteld. De voorwaarden moeten tijdig zijn overhandigd, de overeenkomst moet er duidelijk naar verwijzen en de wederpartij moet een reële mogelijkheid hebben gehad om van de inhoud kennis te nemen. Als hieraan niet is voldaan, zal het Verdrag alsnog van toepassing zijn, zelfs als de uitsluiting in de voorwaarden staat opgenomen.

Wat betekent dit voor jouw onderneming?

Het Weens Koopverdrag is – tenzij rechtsgeldig uitgesloten – automatisch van toepassing op internationale koopovereenkomsten. Dat hoeft niet per definitie nadelig te zijn: het Verdrag biedt op sommige punten juist meer bescherming of duidelijkheid dan het BW, en is bovendien voor een groot deel van regelend recht, zodat partijen er contractueel van kunnen afwijken. Maar wie zich niet bewust is van de toepasselijkheid en de inhoud van het Verdrag, loopt het risico op onverwachte juridische consequenties. Zo toont ons behandelde voorbeeld dat de verschillende regimes onder een gelijke feitelijke toedracht wezenlijk verschillende uitkomsten kunnen opleveren.

Bovenstaande punten zijn slechts een selectie van de verschillen tussen het Nederlandse BW en het Weens Koopverdrag. Wil je weten of het Weens Koopverdrag van toepassing is op jouw contracten, of wil je je contractuele positie laten toetsen? De specialisten van Stellicher Advocaten helpen je graag verder. Neem gerust contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek.

Direct advies

Neem contact op met Mr. E.R. LOOIJEN

Lees meer goede ideeën