De inbrengverplichting: worden andere erfgenamen gecompenseerd voor giften aan een erfgenaam?
Actueel Gepubliceerd op 10 juni, 2024

De inbrengverplichting: worden andere erfgenamen gecompenseerd voor giften aan een erfgenaam?

Ik zie geregeld dat er tussen erfgenamen discussie ontstaat over giften en schenkingen die erfgenamen van de overledene hebben ontvangen. De overige erfgenamen vragen zich af of zij bij het verdelen van de erfenis gecompenseerd worden voor de giften en schenkingen aan andere erfgenamen. In deze blog leg ik uit wanneer giften aan een erfgenaam worden gecompenseerd. Dit kan op twee manieren: via de inbrengverplichting of via de legitieme portie.

Direct advies

In deze blog ga ik uit van het volgende voorbeeld: Jan is in 2024 overleden. Volgens zijn testament zijn de twee kinderen van Jan, Mark en Daniëlle, enig erfgenamen. Aangezien Daniëlle vanwege de stijgende huizenprijzen moeilijk aan een woning kon komen, heeft Jan Daniëlle op weg geholpen door haar in 2019 € 100.000,- te schenken. Mark had al een eigen woning en had dus geen hulp nodig. Na het overlijden van Jan voelt Mark zich achtergesteld. Mark wil weten of hij bij het verdelen van de erfenis van zijn vader gecompenseerd wordt voor de schenking die Daniëlle wel heeft ontvangen.

Wanneer is er sprake van een gift?

Het komt regelmatig voor dat ouders gedurende hun leven een kind bevoordelen door een gift. Er is juridisch gezien pas sprake van een gift als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  1. Het vermogen van de gever is verminderd;
  2. Het vermogen van de ontvanger is door de gift vermeerderd;
  3. De gever heeft ook daadwerkelijk de bedoeling om de ontvanger te bevoordelen.

Het is dus belangrijk om te onderzoeken of er juridisch gezien sprake is van een gift. Indien geen sprake is van een gift, is er in de meeste gevallen geen mogelijkheid tot compensatie van de andere erfgenamen. Er is bijvoorbeeld geen sprake van een gift, wanneer de ouders niet de bedoeling hadden om één kind te bevoordelen.

Een gift kan onder meer zijn:

  • Het geven van een geldbedrag aan een kind (een zogenaamde ‘schenking’);
  • Het aflossen van een lening van het kind;
  • Het kwijtschelden van (een deel) van de koopprijs van een goed aan een kind. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat ouders een woning of aandelen in een onderneming verkopen aan een kind onder de marktwaarde.

In het voorbeeld is sprake van een gift. Het vermogen van Jan als schenker is namelijk met € 100.000,- verminderd, terwijl het vermogen van Daniëlle is toegenomen met € 100.000,-. Het was bovendien de bedoeling van Jan om Daniëlle te bevoordelen, zodat zij makkelijker een huis kon kopen.

Wanneer worden giften aan een erfgenaam gecompenseerd?

In Nederland geldt het uitgangspunt dat de overledene (in het voorbeeld Jan) zelf mag bepalen of en aan wie hij giften geeft. Wettelijk gezien mag Jan één van zijn erfgenamen en/of kinderen bevoordelen door middel van een gift. Slechts in twee gevallen kan een gift na het overlijden van Jan worden gecompenseerd. Dit kan allereerst als er sprake is van de zogenoemde ‘inbrengverplichting’ van de gift. De tweede situatie is wanneer een gift het wettelijke kindsdeel van een van de kinderen (de zogenaamde legitieme portie) schendt. Wat dit inhoudt, leg ik hierna uit:

De inbrengverplichting

De inbrengverplichting houdt in dat een gift aan een erfgenaam wordt gezien als een voorschot op de nalatenschap. Hierdoor moet deze gift aan een erfgenaam worden verrekend met de nalatenschap. De waarde van de gift vermindert het erfdeel van de begiftigde erfgenaam. Wanneer de gift hoger is dan het erfdeel van die erfgenaam wordt het erfdeel verminderd tot € 0,00. Er bestaat dus geen terugbetaalplicht voor het overige deel van de gift.

In het voorbeeld werkt dat als volgt uit. Stel dat de nalatenschap van Jan € 200.000,- bedraagt. Indien er geen inbrengverplichting is, maken Mark en Daniëlle allebei aanspraak op € 100.000,-. Als er wel sprake is van een inbrengverplichting dan telt de gift aan Daniëlle als voorschot op haar erfdeel. Haar gift wordt dan gezien als onderdeel van de nalatenschap, zodat de totale nalatenschap fictief wordt verhoogd tot € 300.000,- . Mark en Daniëlle zijn ieder voor 50% erfgenaam. Zij hebben dan allebei recht op € 150.000,- uit de nalatenschap. De gift van Daniëlle wordt vervolgens afgetrokken van haar erfdeel. Mark ontvang dus € 150.000,- en Daniëlle ontvangt nog € 50.000,- ( € 150.000,00 -/- € 100.000,00). Daarmee is het bedrag van € 200.000 verdeeld.

Of er sprake is van een inbrengverplichting van een gift hangt af van:

  1. De datum van de gift;
  2. Wat er schriftelijk is vastgelegd over de gift.

Giften gedaan voor 2003

In 2003 is de wettelijke regeling voor de inbrengverplichting gewijzigd. Om te beoordelen of een gift door de erfgenaam moet worden ingebracht in de nalatenschap (en dus wordt verrekend met zijn of haar erfdeel), moet worden gekeken of de gift voor of na 1 januari 2003 is gegeven.

Voor giften die door (klein)kinderen zijn ontvangen voor 2003 geldt de inbrengverplichting, tenzij de overledene bij de gift of in het testament de gift heeft uitgezonderd (vrijgesteld) van de inbrengverplichting. Dit moet dus schriftelijk vaststaan.

Voor giften aan (klein)kinderen gedaan voor 2003 geldt dus de regeling: ’Ja, tenzij’ (wel inbreng, tenzij dit schriftelijk is uitgezonderd).

Giften gedaan na 2003

Voor giften die zijn gedaan na 2003 geldt het uitgangspunt dat er geen inbrengverplichting is, tenzij de inbrengverplichting in het testament van de overledene of schriftelijk bij de gift van toepassing is verklaard door de gever via een inbrengclausule.

Voor de giften die zijn gedaan na 2003 geldt dus de regeling: ‘Nee, tenzij’ (geen inbreng, tenzij dit schriftelijk van toepassing is verklaard). De regeling voor giften vanaf 2003 is dus omgekeerd ten opzichte van de regeling voor giften die zijn ontvangen tot 2003.

In het voorbeeld heeft Daniëlle de gift na 2003 gekregen, zodat zij in principe niet verplicht is om de gift in te brengen in de nalatenschap. Dit is anders als Jan in zijn testament of in een schenkingsovereenkomst heeft bepaald dat Daniëlle verplicht is tot inbreng van de € 100.000,-.

Het is dus van belang om eerst te bepalen wanneer de gift is gegeven (voor of na 2003). Vervolgens moet je kijken of de gever schriftelijk in het testament of in een overeenkomst heeft bepaald of de inbrengverplichting wel of niet van toepassing is verklaard.

Schending van het kindsdeel (de legitieme portie)

In het geval van zeer grote giften kan een gift het kindsdeel (de legitieme portie) van een kind van de overledene schenden. In dat geval kan een erfgenaam zijn legitieme portie opeisen. Dit zal echter niet snel het geval zijn. Wanneer de legitieme portie is geschonden, leg ik hierna uit.

Wat is de legitieme portie?

In Nederland kan een kind in de meeste gevallen niet volledig worden onterfd. Volgens de wet dienen kinderen een minimaal erfdeel te ontvangen bij overlijden van een ouder. Dit minimale erfdeel heet de legitieme portie. Een kind dient minimaal de helft te ontvangen van het erfdeel dat hij zou krijgen als er geen testament zou zijn opgesteld . Als een kind volgens het testament minder krijgt dan dit minimale erfdeel, is de legitieme portie geschonden.

Lees ook: Wie krijgt de erfenis als er geen testament is opgesteld?

Voor het bepalen van de legitieme portie worden de giften die door de overledene zijn gedaan aan (klein)kinderen meegerekend bij het bepalen van de fictieve nalatenschap (de zogenaamde legitimaire massa). Als een kind minder krijgt dan zijn legitieme portie, kan het kind alsnog zijn legitieme portie opeisen.

In het voorbeeld zouden Mark en Daniëlle ook de enige erfgenamen van Jan zijn, als hij geen testament zou hebben opgesteld. Mark en Daniëlle verkrijgen dus 1/2e van de nalatenschap van Jan. De legitieme portie van Mark is de helft van zijn wettelijke erfdeel van 1/2e en is dus 1/4e deel. Pas als de gift van Daniëlle zo hoog is dat Mark minder dan 1/4e van de fictieve nalatenschap van Jan ontvangt, is de legitieme portie van Mark geschonden. Dit is in het voorbeeld niet het geval. De fictieve nalatenschap van Jan bedraagt € 300.000,- (inclusief de gift aan Daniëlle). Daniëlle en Mark zouden dan allebei € 150.000,- erven van Jan als hij geen testament heeft opgesteld. De legitieme portie van Mark bedraagt hier de helft van, namelijk € 75.000,-. Aangezien Mark in de werkelijke situatie de helft van € 100.000,- van Jan erft, is zijn legitieme portie niet geschonden.

Pas als de gift aan Daniëlle onevenredig hoog is ten opzichte van de werkelijke nalatenschap van Jan, bestaat de mogelijkheid dat de legitieme portie van Mark zou zijn geschonden. Er moet dus sprake zijn van een aanzienlijke schenking. Pas in die gevallen kan het nuttig zijn voor Mark om aanspraak te maken op zijn legitieme portie.

Samenvatting

Om te beoordelen of jij als erfgenaam gecompenseerd kan worden voor een gift aan een andere erfgenaam, zal je de volgende vragen moeten beantwoorden:

  1. Is voldaan aan de juridische definitie van een gift? Zo ja:
  2. Is de gift voor of na 2003 gedaan?
  3. Is er in de schenkingsovereenkomst of in het testament van de overledene een inbrengverplichting opgenomen?
  4. Is de gift aan een afstammeling dusdanig hoog, dat het kindsdeel (de legitieme portie) van een andere erfgenaam is geschonden?

Het is niet gemakkelijk om te kunnen beoordelen of er juridisch gezien sprake is van een gift en of de legitieme portie van een erfgenaam is geschonden. Het is daarom verstandig om juridisch advies in te winnen over jouw rechten met betrekking tot een nalatenschap.

Vragen?

Heb je een vraag over de afwikkeling van een erfenis? Of ben jij benieuwd of jij gecompenseerd kan worden voor een gift aan een van de andere erfgenamen? Neem dan gerust contact met mij op, of meld je aan voor de Dag van het Erfrecht & Bewind op 14 juni as.

Schakel JavaScript in je browser in om dit formulier in te vullen.

Lees meer goede ideeën